Het is onmogelijk om niet van Amerika te houden. Amerika is ontzaglijk: een continent, een wereldmacht, een staat van staten en een volk van volken. Het is verleidelijk: vruchtensap bij het ontbijt, meiden met valse wimpers en krulspelden in, alle impressionisten bij elkaar in het Chicago Art Institute en een automatische versnelling in alle auto's behalve de sportmodellen. Met wat geld, een beetje geluk en een boel gezond verstand kan iedereen zijn heil vinden in Amerika. 

Amerika is goed terecht gekomen, ondanks de boze feeën. De arbeiders zijn er niet verpauperd, de middenstand is niet verarmd. Welnee, iedereen heeft zijn eigen auto en een pakket elektrische apparaten naar keuze. De meesten hebben een eigen huis, aandelen, een kind op de universiteit. De corruptie is teruggedrongen door democratische leiders, aan de macht gekomen door de volksverontwaardiging. In de daartoe aangewezen woongebieden en tijdschriften heerst meer vrijheid dan waar ook ter wereld te halen valt. Het land is niet verdomd door massacultuur; integendeel, heel het geestelijk erfgoed van het mensdom ligt uitgestald in musea, bibliotheken en universiteiten en uit de populaire vermaaksgénres is een heel eigen en levendige kunstvorm ontstaan. Nergens ter wereld valt meer te beleven en te presteren dan in Amerika.

Amerika heeft problemen bij de vleet, maar het zijn tekortkomingen die horen bij de bijna volmaaktheid: chemicaliën in de etenswaren, constructiefouten in de auto's, leugens in de reclame, onveiligheid op de weg, vervuiling van de lucht, aftakeling door medicijnen - de tekorten van het teveel.

Amerika is binnen. Voor een overgrote meerderheid heeft het alle problemen opgelost die een samenleving maar voor zijn leden op kan lossen.

Voor een grote minderheid en voor de rest van de wereld niet. Amerika is er niet in geslaagd de negers een menswaardig bestaan te geven, het heeft de Indianen weggeborgen in mensenparken. De Amerikanen hebben het niet kunnen opbrengen afdoende maatregelen te treffen voor zieken, invaliden, bejaarden, kinderen, werklozen. Er blijft een hardnekkige kern van lelijke, domme, armoe. Het is dit volk onmogelijk wie anders doet of denkt te laten leven met de rechten en waarborgen die de grondwet ze gunt. Buiten Europa heeft Amerika geen land uit zijn ellende kunnen helpen. Nu besteedt het een tienvoud van het bedrag aan hulp in een verre, wrede oorlog tegen een vijand die overgaat in de boeren, vrouwen en kinderen van dat kleine land. 

Voor sommigen is dat genoeg om Amerika in zijn geheel te verwerpen. De hipsters hebben zich van die samenleving afgekeerd, de negers maken zich op voor een bevrijdingsstrijd. Jonge mensen in Europa, Latijns Amerika, Azië en Afrika verafschuwen Amerika als een oud en boosaardig land. Ieder ander zou het evenzeer haten als hij iets beters wist dat ervoor in de plaats kon komen. 

Het zijn de linkse radicalen in Amerika die dit dilemma het diepst beleven. Merendeels studenten, weten zij hoeveel Amerika bereikt heeft, hoeveel zij eraan te danken en nog van te verwachten hebben. Zij weten dat Amerika alle tekortkomingen van de bijna-volmaaktheid op kan lossen, maar voor hun is dat de moeite niet meer. Daarin verschillen zij van de gematigde linkervleugel die 'liberaal' heet. Zij zien verder dan hun beschermd bestaan tot in een buitenwereld van armoewijken, zwarte getto's en continenten van armoe, ziekte en onwetendheid. Ondanks alle grote woorden en beloften heeft Amerika daar vrijwel niets tegen ondernomen. De linkse radicalen kunnen dat hun land niet vergeven, net zomin als de rechtervleugel kan inzien waarom Amerika de rest van de wereld te hulp zou moeten komen. 

Blank en burgerlijk Amerika heeft voor zichzelf de mooiste orde opgebouwd die mensen ooit tot stand hebben gebracht. Maar het is een orde gebaseerd op de uitsluiting van alle buitenstaanders en, voor de links radicalen, ook op hun uitbuiting. Amerika zal steeds rijker worden, met steeds meer techniek, organisatie en cultuur. Nederland - heel West-Europa trouwens -volgt op korte afstand op die weg naar de volmaaktheid. Als Amerika lelijker schijnt dan Europa, dan is het omdat de Amerikanen het uitsmijterswerk opknappen. Zij houden het Westen blank, burgerlijk en welgedaan, een witte wereld. Waar de arme en gekleurde volkeren samenkomen in nationale bewegingen en proberen met gemeenschapsvoorzieningen een moderne economie op te bouwen, daar vinden zij Amerika tegenover zich, dat ze terugstool in uitbuiting en chaos. En heel het Westen profiteert ervan.

Wie Amerika verwerpt, moet de hele westerse wereld afwijzen als een consumentenclub van welgedane, ontwikkelde, blanke burgers, die binnen zijn en de rest van de wereld buitensluiten. Europa is binnen in die witte wereld, weldra ook de Sovjet-landen en Japan. Amerika heeft voor zichzelf het meest bereikt. De rest van de mensheid staat buiten. Wie dat aanvaarden kan, is een tevreden mens.